De impact van biometrie op de wereldwijde migratiestromen
Stel je voor: je staat op een luchthaven en een camera scant je gezicht terwijl je doorloopt.
Of je irisscan wordt gebruikt om je geld op te nemen in een vluchtelingenkamp. Biometrie is overal, en het verandert hoe we bewegen, reizen en zelfs hoe we overleven. Maar wat betekent dit voor de miljoenen mensen die op de vlucht zijn?
Hoe beïnvloedt deze technologie de wereldwijde migratiestromen? We duiken erin, zonder blad voor de mond.
De impact van biometrie op de wereldwijde migratiestromen
Biometrie is het gebruik van unieke lichaamskenmerken – vingerafdrukken, gezichtsherkenning, irisscans – om mensen te identificeren.
In de context van migratie wordt dit ingezet om grenzen te beheren, asielaanvragen te verwerken en fraude te bestrijden. Maar het is ook een tool met enorme impact op privacy en mensenrechten.
De EU claimt een voorloper te zijn in privacybescherming, maar die rechten gelden niet altijd voor vluchtelingen. Tegelijkertijd daalde het aantal personen dat op irreguliere wijze binnenkwam in de EU met 92% sinds 2015. Dit is gedeeltelijk te danken aan biometrische systemen zoals Eurodac, een database van vingerafdrukken van asielzoekers. Het EU-voorstel tot wijziging van deze verordening (EUR/2020PC0614) wil de systemen nog verder uitbreiden.
Hoe Intelligent is AI?
Maar er zitten haken en ogen aan. Het aandeel migranten uit landen met een erkenningsgraad onder de 25% steeg van 14% in 2015 naar 57% in 2018.
Dit betekent dat steeds meer mensen afkomstig zijn uit landen waar asiel moeilijker wordt toegekend. Biometrie kan helpen om hun identiteit te verifiëren, maar het kan ook leiden tot onterechte afwijzingen. AI, of kunstmatige intelligentie, wordt vaak ingezet om biometrische data te analyseren.
Maar hoe slim is deze technologie eigenlijk? Neem het iBorderCTRL-project: geautomatiseerde leugendetectiepoortjes op luchthavens in Griekenland, Hongarije en Litouwen.
Hoe worden digitale technologieën ingezet?
Deze systemen analyseren gezichtsuitdrukkingen en spraakpatronen om te bepalen of iemand liegt.
Het klinkt futuristisch, maar de praktijk is weerbarstig. Studies tonen aan dat zulke systemen vaak bias bevatten – ze werken minder goed voor mensen met een andere achtergrond of taal. Dit kan leiden tot discriminatie.
Bovendien is de wetenschappelijke basis voor leugendetectie via AI nog steeds zwak. De Duitse BAMF (Bundesamt für Migration und Flüchtlinge) gebruikt automatische dialectherkenning om de herkomst van asielzoekers te bepalen.
Worden ook in Nederland dit soort experimenten gedaan?
Handig, maar ook hier geldt: dialecten zijn complex en kunnen tot verkeerde conclusies leiden.
Een verkeerde inschatting kan het verschil betekenen tussen wel of geen asiel. Biometrie en AI worden op verschillende manieren ingezet in de migratiestromen.
In dit verband wordt vaak gesproken over ‘technocolonialism’. Wat houdt dat in?
Een voorbeeld is het Zaatari-kamp in Jordanië, waar vluchtelingen betalen met een irisscan. Dit klinkt efficiënt, maar het betekent ook dat hun biometrische data wordt opgeslagen en mogelijk misbruikt kan worden. In Nederland werd een pilotproject in Athene (uitgevoerd door AVIM en IND) eind 2021 stilgelegd vanwege privacywetgeving. Dit project testte biometrische technologie voor asielaanvragen, maar stuitte op bezwaren rond dataopslag en -gebruik.
Het laat zien dat Nederland voorzichtig is, maar ook dat de druk om technologie in te zetten groot is.
Wat zouden we daar tegenover moeten stellen? Hoe kunnen we op een eerlijke en verantwoorde manier met data en migratie omgaan?
Europa investeert miljarden in grensbewakingstechnologie. Denk aan slimme camera's, drones en geautomatiseerde systemen. Maar deze investeringen gaan niet altijd hand in hand met bescherming van privacy en mensenrechten.
Jazeker. Nederland is actief in het testen van biometrische technologie voor migratiebeheer.
Het eerder genoemde pilotproject in Athene was een voorbeeld, maar er zijn meer initiatieven.
Bijvoorbeeld het gebruik van vingerafdrukken en gezichtsherkenning bij de IND (Immigratie- en Naturalisatiedienst) voor asielaanvragen. Deze experimenten zijn vaak kleinschalig en worden streng gecontroleerd vanwege privacywetgeving zoals de AVG. Toch roepen ze vragen op.
Hoe veilig is de data? Wie heeft er toegang tot?
Zijn daar al voorbeelden van?
En wat gebeurt er als de technologie faalt? Technocolonialism verwijst naar de manier waarop technologie, vaak ontwikkeld in het Westen, wordt opgedrongen aan landen met minder middelen.
Dit gebeurt vaak zonder rekening te houden met lokale context of mensenrechten. In de context van migratie betekent dit dat biometrische systemen worden geïmplementeerd in vluchtelingenkampen of grensgebieden, zonder dat de betrokkenen begrip hebben van de evolutie van biometrische standaarden of de risico’s.
Een voorbeeld is het Zaatari-kamp in Jordanië, waar vluchtelingen verplicht zijn om hun irisscan te laten scannen voor betalingen. Hoewel dit efficient is, is er geen sprake van vrijwillige toestemming. De technologie wordt opgedrongen omdat het handig is voor de organisatie, niet per se voor de vluchtelingen. Om technocolonialisme tegen te gaan, moeten we beginnen met het betrekken van vluchtelingen en lokale gemeenschappen bij de ontwikkeling en implementatie van technologie.
Dit betekent dat ze inspraak hebben in wat er met hun data gebeurt en hoe het systeem wordt gebruikt.
Hoe zou je die denkwijze in praktijk kunnen brengen?
Een andere stap is het garanderen van transparantie. Organisaties moeten openbaar maken welke data ze verzamelen, hoe ze die gebruiken en wie er toegang toe heeft. Dit is essentieel om vertrouwen op te bouwen en misbruik te voorkomen.
Daarnaast moeten we investeren in alternatieven. Bijvoorbeeld systemen die minder afhankelijk zijn van biometrische data, of die de data alleen lokaal opslaan en niet delen met derden.
Jawel. Er zijn organisaties die werken aan ethische alternatieven.
Bijvoorbeeld het Humanitarian Data Project, dat zich richt op het veilig en transparant omgaan met data van vluchtelingen. Of het Refugee Solidarity Network, dat technologie inzet om vluchtelingen te ondersteunen, maar altijd met toestemming en transparantie. Ook zijn er pilots waarbij vluchtelingen zelf controle hebben over hun data.
Bijvoorbeeld via ‘data wallets’ – digitale portemonnees waarin ze hun eigen informatie opslaan en beheren. Dit geeft hen meer zeggenschap over hun persoonlijke gegevens.
Begin klein. Organisaties die met vluchtelingen werken, kunnen beginnen met het betrekken van de gemeenschap bij technologische keuzes.
Waarom de opvang van vluchtelingen anders moet
Stel vragen als: ‘Wat vindt u van deze technologie? Zou u het gebruiken?
Wat zijn uw zorgen?’ Investeer in training. Zorg dat vluchtelingen en lokale medewerkers begrijpen hoe de technologie werkt en wat hun rechten zijn. Dit verkleint de kans op misbruik.
En ten slotte: eis accountability van technologiebedrijven. Organisaties die biometrische systemen verkopen, moeten verantwoordelijk worden gehouden voor de impact van biometrie op de journalistiek en bronbescherming.
Dit kan via wetgeving, maar ook via publieke druk. De huidige opvang van vluchtelingen is vaak inefficiënt en onmenselijk. Biometrie kan helpen om processen te versnellen, maar het lost de onderliggende problemen niet op.
Hoe kijk je vanuit jouw expertise als mediawetenschapper naar de crisissituatie in Ter Apel?
Veel vluchtelingen zitten vast in kampen zonder uitzicht op een toekomst. Een voorbeeld is Ter Apel, waar de situatie voor vluchtelingen vaak schrijnend is.
Er is te weinig capaciteit, en de omstandigheden zijn slecht. Biometrie kan helpen om aanvragen sneller te verwerken, maar het is geen oplossing voor het gebrek aan opvangplekken.
Als mediawetenschapper zie ik hoe technologie vaak wordt ingezet als snelle oplossing voor complexe problemen. In Ter Apel zou biometrie kunnen helpen om de doorstroom te verbeteren, maar het is geen vervanging voor humane opvang. Media spelen een rol in hoe we naar vluchtelingen kijken.
Sensatieberichten over ‘overvolle kampen’ kunnen leiden tot paniek en ontmenselijking. Tegelijkertijd kunnen verhalen over innovatieve oplossingen, zoals biometrie, de indruk wekken dat het probleem is opgelost – terwijl dat niet zo is.
De oplossing ligt in een combinatie van technologie en menselijkheid. Gebruik biometrie bij het monitoren van de volksgezondheid om processen te verbeteren, maar zet het nooit in als vervanging voor empathie en zorg.
En zorg dat vluchtelingen zelf een stem hebben in hoe technologie wordt gebruikt.